Chrysler Corporation

Een Chrysler 300C uit 1957.
Een Chrysler 300C uit 1957.

Walter P. Chrysler (1875-1940), werkte vanaf 1911 bij Buick Motor Company en vanaf 1919 bij Willys-Overland. Hij ging in 1921 naar de in moeilijkheden verkerende Maxwell Motor Company, die in datzelfde jaar werd omgevormd tot Maxwell Motor Corporation. In 1922 nam Maxwell de activa van Chalmers over. Walter Chrysler richtte in 1925 de Chrysler Corporation op, nam Maxwell over en en liet deze merknaam verdwijnen. Hij gaf zijn drie briljante technici, Breer, Skelton en Zeder, opdracht de eerste Chrysler te ontwerpen. De eerste auto was zeer succesvol. Chrysler breidde snel uit, in 1928 werden het goedkopere merk Plymouth en een middenklasser onder de naam DeSoto geïntroduceerd. Ook werd in dat jaar Dodge overgenomen. Chrysler werd het tweede grote merk in de Verenigde Staten. In 1950 werd Chrysler voorbijgestreefd door Ford en belandde zo op de derde plek.

Chrysler nam in 1958 een belang van 25% in het Franse Simca over van Ford, dat in 1963 werd verhoogd tot 63%. Ook werd in 1964 een belang van 30% in de Britse Rootes Group aangekocht, ook dat werd in 1966 verhoogd tot 77%. In 1969 werd nog een belang van 15% in Mitsubishi Motors Corporation verworven.

Chrysler leed in 1979 echter een verlies van meer dan een miljard dollar. De Amerikaanse overheid moest het bedrijf redden en Chrysler verkocht de in de jaren zestig verworven dochters Simca en Rootes Group aan PSA Peugeot Citroën.

In 1983 was Chrysler weer in staat de enorme staatslening voortijdig terug te betalen. Ook werden weer bedrijven overgenomen, zoals American Motors Corporation (AMC), nummer vier in de Verenigde Staten, waaronder ook het merk Jeep viel, en Lamborghini in 1987.

Chrysler fuseerde in 1998 met het Duitse Daimler-Benz concern en zo ontstond DaimlerChrysler.

In 2007 kocht de Amerikaanse investeringsmaatschappij Ceberus 80,1% van de aandelen van Daimler, waardoor de fusie werd ontbonden.

Fiat nam in 2009 een belang van 35% in Chrysler.