lorraine dietrich

Een Lorraine Dietrich 20 CV Type 310 uit 1932 met een carrosserie van Million-Guiet.
Een Lorraine Dietrich 20 CV Type 310 uit 1932 met een carrosserie van Million-Guiet.

La Société Lorraine des Anciens Etablissements de Dietrich & Cie produceerde spoorwegmaterieel in Niederbronn bij Straatsburg. Niederbronn was in 1870, na de Frans-Pruisische oorlog, Duits geworden. Het bedrijf vestigde een nieuwe fabriek in Lunéville, 24 km van de nieuwe grens.

Men begon vanaf 1897 auto’s te bouwen, eerst onder licentie van Amadée Bollée en in 1902 stapte men over op de ontwerpen van Turcat-Méry uit Marseille.

In Niederbronn maakte het Bollée ontwerp plaats voor een ontwerp van het Belgische bedrijf Vivinus.

De jonge Ettoire Bugatti kwam in 1902 in dienst als engineer in Niederbronn.

In 1904 werd de productie van auto’s in Niederbronn gestaakt. Daarna werden Turcat-Mérys geïmporteerd door Mathis, voorzien van De Dietrich-badges.

Door een familieruzie tussen Adrien de Tuckheim, hoofd van de vestiging in Lunéville en Eugene de Dietrich, hoofd van de vestiging in Niederbronn, verzelfstandigden beide vestigingen.

De Dietrich-auto’s hadden een goede naam die vooral te danken was aan sportieve successen.

Om in Lunéville meer plaats te krijgen voor de opnieuw opgeleefde spoorwegindustrie, werd in Argenteuil, een buitenwijk van Parijs, een moderne autofabriek gebouwd naar een ontwerp van Leon Turcat.

De merknaam werd in 1908 gewijzigd in Lorraine Dietrich.

Door uitbreidingsdrang verwierf Lorraine Dietrich een meerderheidsbelang in Isotta-Frachini en werd het bedrijf Ariel gekocht. In 1909 werden beide bedrijven weer afgestoten omdat de investeringen te kostbaar bleken te zijn.

Na de eerste wereldoorlog, toen Elzas weer bij Frankrijk hoorde, nam het bedrijf Marius Barbarou in dienst als nieuwe technisch directeur. Hij was voordien werkzaam geweest bij respectievelijk Benz en Delaunay Belleville. Zijn ontwerp was de grote rivaal van Bentley op Le Mans. In 1924 werd het model tweede en derde achter Bentley, in 1925 eerst en derde en in 1926 waren de drie eerste plaatsen voor lorraine Dietrich in de 24-uursrace van Le Mans. Nadat de De Dietrich familie in 1928 zijn aandeel in het bedrijf verkocht, werd de naam gewijzigd in Lorraine.

In de Rally van Monte Carlo van 1931, greep Lorraine met 0,1 punt verschil naast de winst. Dit verlies bleek fataal te zijn voor het bedrijf en in 1935 stopte de autoproductie.