Renault

Een Renault 4 uit 1954 bij het Concours d'Élégance 2016 op Paleis Het Loo in Apeldoorn.
Een Renault 4 uit 1954 bij het Concours d'Élégance 2016 op Paleis Het Loo in Apeldoorn.

Louis Renault, werkzaam bij verwarmingsketelbedrijf  Delaunay-Belleville, bouwde in 1898 z’n eerste auto met een De Dion motor. Omdat hij orders kreeg van potentiële klanten, richtte hij op 25 februari 1899 met z’n broers Fernand en Marcel het bedrijf Renault Frères op in Billancourt aan de Seine. De broers van Louis namen deel aan de in die tijd in Frankrijk zo geliefde lange afstandraces. Marcel won in 1902 de race van Parijs naar Wenen in een Renault, maar in 1903 kwam hij om het leven tijdens de race van Parijs naar Madrid. Nadat Fernand Renault in 1909 stierf, was Louis de enige eigenaar van het bedrijf.

Na de Eerste Wereldoorlog kocht Renault een aantal van zijn toeleveringsbedrijven, waaronder een complete hoogoven.

In 1922 werd de onderneming omgedoopt tot Société Anonyme des Usines Renault, waarvan Louis Renault 98% van de aandelen bezat.

Renault kocht in 1933 de vliegtuigfabrieken van de gebroeders Caudron.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zag Renault geen andere mogelijkheid om z’n imperium te redden dan voor de Duitsers te gaan werken. Dit werd hem na de oorlog niet in dank afgenomen en hij verdween in 1944 in de gevangenis, waar hij in datzelfde jaar onder mysterieuze omstandigheden stierf. Het Renault concern werd op 16 januari 1945 onteigend door generaal De Gaule. Het bedrijf kwam onder controle van de overheid en de naam werd gewijzigd in Regie Nationale des Usines Renault. In 1949 werd Louis Renault echter gerehabiliteerd.

Het Amerikaanse automerk AMC-Rambler behoorde in de jaren zestig ook tot het Renault concern. In 1979 wordt Renault eigenaar van American Motors Corporation (AMC) en in 1987 verkoopt Renault het weer aan Chrysler.

In 1994 vindt een beursgang plaats op de beurs van Parijs en in 1996 wordt Renault officieel een particulier bedrijf. De naam wordt veranderd in Renault SA.